Veilig in Egypte

Abu Simbel ligt tweehonderdtachtig kilometer van Aswan. Voor die reis organiseert de politie elke dag twee konvooien, een om tien uur ’s morgens en een om vier uur ’s middags. Ik wil niet met het tweede konvooi want dan haal ik Aswan niet voor zonsondergang. Het eerste konvooi vind ik wel erg vroeg. Kan ik ook zonder politiebegeleiding van Abu Simbel naar Aswan? “Beslist niet” vindt de chef van de politie “Het gaat om uw veiligheid. Daar zorgen wij voor.” en – hij heeft mijn gedachten gelezen! – “Als u zonder politiebegeleiding Abu Simbel verlaat, dan wordt u bij de controlepost tegen gehouden.” Ik stond nog vóór het ochtendgloren op om de beroemde tempels te bezichtigen. Tot zeven uur was ik er de enige bezoeker. Toen kwamen de bussen met de toeristen uit Aswan die om tien uur aan de terugreis zullen beginnen. Dat konvooi – twee politieauto’s voorop en twee hekkensluiters – sukkelde Abu Simbel uit, passeerde de controlepost en nog een en gaf dan plankgas. Ik werd ingehaald door de bussen en ook door de politieauto’s – in de laatste zat de chef van het konvooi, die van “Het is voor uw veiligheid” – en ik was weer heerlijk alleen in de woestijn. Zo is Egypte. Ik bereikte Aswan in de loop van de middag, zonder close encounter met een terrorist.

Ik reed van Aswan over de provinciale weg naar Luxor zonder noemenswaardige hindernissen te hebben ervaren op de myriaden verkeersdrempels na. In Luxor logeerde ik in hotel Marsam. De hotelier is een Duitser. Ik vertelde hem van mijn plan om langs de Nijl te rijden naar Assioet en naar Beni Suef om daar de snelweg naar Alexandrië te nemen. Hij keek bedenkelijk: “Er zijn langs die weg veel controleposten van de politie en ik verwacht niet dat ze je alleen laten rijden. Het wordt niet leuk en ik heb er een hard hoofd in dat de politie je toestaat in Assioet te logeren. Ja, misschien op het politie-bureau.” Ik probeerde het toch, reed de provinciale weg over de westoever en stuitte bij de uitgang van Luxor op de eerste controlepost – Waar ik naar toe wilde en waarom deze weg en dat het niet kon zonder politiebegeleiding – en daarna nog een controlepost en nog een en nog een en overal hetzelfde gesoebat. Bij Qena had ik er genoeg van, nam de brug over de Nijl en de weg door de Arabische Woestijn naar Safaga en vandaar langs de Rode Zee naar Ain Sokhna. Langs die weg – de weg door de woestijn en de kustweg – zijn geen controleposten. Dankzij de chicanes van de politie: geen bezoek aan de tempel van Seti, geen bezichtiging van het Rode Klooster waarvan de fresco’s recent zijn gerestaureerd, geen dagje flaneren langs de Corniche in Minya; in plaats daarvan een saaie en hete rit door de woestijn en langs de kust. Waarom in hemelsnaam? Zo is Egypte.

Ik overnachtte in Hurghada, het Torremolinos van Egypte. Ten zuiden van de oude stad ligt een strip van monsterlijke hotels – pseudo-paleizen van beton en plastic – voor Russische toeristen. Momenteel is daar geen Rus te bekennen; het is er doodstil en alles is gesloten. De oude stad is druk en gezellig maar zonder de toeristen waarvan Hurghada moet leven. In hotel Seaview was ik de enige gast. Ook in de omgeving van Ain Sokhna ligt zo’n kilometers lange strip van gigantische resorts. Het is daar verschrikkelijk desolaat. Stel je zo’n resort voor: te midden van bouwputten voor nieuwe resorts, langs een weg die druk bereden wordt door zand en stof opwerpende vrachtauto’s, in een totaal verrommelde woestijn, in een bar klimaat met een eeuwig waaiende hete wind. Buiten de resorts is niets, geen vissershaventje, geen restaurant, geen bar, geen winkeltjes, he-le-maal niets. De gast is veroordeeld tot het resort. Wie anders dan een alcoholicus gaat twee weken in zo’n resort zitten? Ik neem aan dat er alcohol geschonken wordt want onbeneveld is het daar niet uit te houden. Gelukkig voor het psychisch welbevinden van de toerist en treurig voor de Egyptenaren die er hun brood moeten verdienen: de resorts zijn bijna allemaal gesloten en de bouw van nieuwe is stilgelegd. Het toerisme in Egypte is ingestort. De baas van hotel Marsam in Luxor: “Hier gaat het nog maar op de oostoever [het eigenlijke Luxor] is de gemiddelde hotelbezetting vijftien procent.” Vijftien procent! Egypte lijdt, honderdduizenden zijn ontslagen, moeten maar zien hoe ze rondkomen. Waarom, waarom in hemelsnaam? De hotelbaas: “De westerse landen en Rusland hebben voor Egypte een negatief reisadvies gegeven. De verzekering dekt dan niet de risico’s van de vakantie in Egypte. Daarom komen de toeristen niet.”

Is Egypte zo onveilig? Voor wat de gewone, dagelijkse veiligheid betreft is Egypte zo veilig als een Europeaan maar wensen kan. Diefstal, beroving, geweld komen heel weinig voor, ook al rijden in de steden de boevenwagens af en aan (tussen het politiebureau en de rechtbank). Veiligheid is een voortdurende zorg. Ik ben kwetsbaar; ik reis alleen en heb een berg spullen bij me. En geld. Ik ben op deze reis eenmaal gemolesteerd, in India, en tweemaal beroofd; eenmaal in Pinetown bij Durban waar de rovers me probeerden te wurgen en eenmaal in Nairobi, at gunpoint. Die ervaringen zijn genoeg om de dagelijkse veiligheid van Egypte te waarderen. Anders ligt het met de ‘grote’ veiligheid. Ga even na wat de toeristen de stuipen op het lijf heeft gejaagd en de westerse en Russische overheidsdiensten heeft gebracht tot dat negatieve reisadvies. Daar is dat Russisch passagiersvliegtuig dat boven de Sinaï ontplofte door een bom in de bagageruimte. De bagagecontroleurs hebben hun werk niet gedaan. Ik schreef het al over de bagagecontrole bij de Egyptische post aan de grens met Soedan: de mannen drinken thee en sms’en in plaats van naar het scherm van de röntgenmachine te kijken. Niets geleerd. In het najaar van 2015 is in de Westelijke woestijn een aantal Mexicaanse toeristen doodgeschoten. Niet door Al Qaida of Islamitische Staat, nee, door het leger en de veiligheidsdienst die die toeristen aanzagen voor terroristen. In de Arabische landen bestaat een ander beeld van terroristen dan in Europa. Europeanen zien terroristen als mannen met een baard, Arabieren zien terroristen ook als mannen met een baard maar het is een andere baard. Het is Osama bin Laden versus Carlos de Jakhals. Ongelukkigerwijs zien Mexicanen er een beetje uit als Carlos de Jakhals. Heeft de Egyptische overheid ervan geleerd? In plaats van de veiligheidsdiensten beter te trainen is de Westelijke woestijn afgesloten voor toeristen. De mensen in de oasen die voor een deel van hun inkomen afhankelijk zijn van het toerisme hebben het nakijken. Hoe zou het met Abu Mohamed zijn in de oase van Mut? Ik ontmoette hem in 2001; hij maakte tomatensoep voor mij en ik hielp hem met de vertaling van zijn menukaart in het Engels want … oh, de toeristen. Hij behoort tot de liefste mensen op aarde. Abu Mohamed heeft het nakijken. De Sinaï is off-limits voor motoren; zelfs in een vrachtauto mag mijn motor niet door de Sinaï worden vervoerd naar Israël. Daarom moet ik mijn motor verschepen vanuit Alexandrië. Denk ook aan de jonge Italiaanse onderzoeker van de Amerikaanse Universiteit in Caïro die verdween en wiens lijk een week later werd gevonden, zwaar gemarteld. “Een verkeersongeluk” verklaarde de politie. Maar bij een verkeersongeluk verlies je niet alle nagels van vingers en tenen. “Criminelen” zei de politie vervolgens en schoot er zekerheidshalve een paar dood. Het is waarschijnlijk een ‘vergissinkje’ van een van de Egyptische veiligheidsdiensten. Die Italiaan deed onderzoek naar het functioneren van vakbonden in Egypte en dat is verdacht. Ik voel me in Egypte onveilig in de nabijheid van politie en veiligheidsdiensten. Daarom nam ik de kustweg langs de Rode Zee: veel verkeer en geen controleposten.

Ik was in Egypte tijdens de opstand – die hier ‘de revolutie’ wordt genoemd – tegen Mubarak, in 2011. Ik was op Tahrir Square, ik heb mee gedemonstreerd. Ik heb met de Egyptenaren gejuicht toen Mubarak aftrad. Ik wilde voor de Egyptenaren een betere toekomst. Heel buitenissig waren hun eisen niet: ze wilden af van die ellendelingen van de politie en de veiligheidsdiensten, gewoon kunnen zeggen wat ze wilden en een tikkeltje meer rechtvaardigheid. Dat is toch niet teveel? Ik zag het knappe schaakspel van het leger: eerst schakelde het de politie uit en daarna draaide het langzaam naar de demonstranten zonder Mubarak’s coterie de stuipen op het lijf te jagen en uiteindelijk zeiden de generaals tegen Mubarak “Het is beter dat je gaat.” Het leger had voortdurend de regie in handen en bracht regime change zonder al te veel bloedvergieten. Er kwamen verkiezingen, de eerste vrije verkiezingen in Egypte in vijfduizend jaar, en het volk koos voor Mursi en zijn Moslim Broederschap. Heel handig was Mursi niet maar hij en zijn Moslim Broederschap hadden ook geen enkele bestuurservaring. Ze kenden de millimetermarges van de staat niet, ze maakten de fout die in veel jonge democratieën wordt gemaakt: denken dat democratie de helft plus één is. Mursi joeg jong stedelijk Egypte tegen zich in het harnas. Die jongeren hadden ook geen ervaring met democratie; ze gingen de straat op om Mursi af te zetten als Mubarak in plaats van gewoon de volgende verkiezingen af te wachten. Als je elke regering die je niet bevalt wil afzetten, dan kun je aan de gang blijven. Het leger greep de kans om af te rekenen met de Moslim Broederschap die dankzij de verkiezingen in het daglicht was gekomen. Het was de tweede schaakpartij die het leger won. El Sisi zette Mursi af in een staatsgreep die aanzienlijk bloediger was dan de val van Mubarak. Het Westen monkelde iets over democratie en mensenrechten maar was eigenlijk blij van die rare snoeshanen van de Moslim Broederschap af te zijn. Liever el Sisi dan democratie en mensenrechten. Frau Merkel – overigens de enige kerel in Europa – ontving de dictator met staatseer. Egypte is weer terug bij af. Nee, het is erger: de dictatuur van Mubarak was vermolmd maar die van el Sisi is fris en energiek. De politie en de veiligheidsdiensten zijn terug en nemen wraak. Duizenden zitten in de gevangenis, honderden zijn verdwenen en er wordt gemarteld bij het leven. De jonge Italiaanse onderzoeker is niet het enige slachtoffer. In Alexandrië en Caïro staan op strategische punten de wagens van de oproerpolitie om elk protest onmiddellijk te kop in te drukken. Is er hoop, hoop voor democratie en mensenrechten in Egypte? Ik verwacht niet dat el Sisi op korte termijn zal vallen als Mubarak maar zijn dagen zijn geteld. Hij levert niet. Hij beloofde stabiliteit en welvaart. Van het eerste is niets gekomen – omdat hij een oorlog is begonnen tegen een aanzienlijk deel van het Egyptische volk – en daarom van het tweede ook niet. Egypte heeft ontdekt dat het zijn mond kan open doen. Er zijn demonstraties. Er hangt moderniteit in de lucht. Of el Sisi het nu wil of niet, Egypte gaat veranderen!

DSCN0972 (800x613)

Op deze kale vlakte brandde vijf jaar geleden het partijgebouw van Mubarak.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Egypte en Soedan en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s