De Andes over

De Andes over: van Salta via de Paso Sico naar San Pedro de Atacama in Chili. Een stemmetje in mijn hoofd zegt “Moet dat nou? Het is piste en vast en zeker met problemen.” Dat stemmetje is mijn bange ik; ik ben reisleider van een heel gezelschap: de motor, mijn bange ik, Masaaki en Fernando. Mijn bange ik heeft gelijk met ‘moet dat nou’ want ik heb al genoeg eenzame en gevaarlijke pistes gereden en je moet het noodlot niet blijven tarten. Ik luister niet. Voorbij Salta kijk ik op naar de muur van de Andes. Door een rivierdal klimt de weg omhoog langs hellingen vol paalcactussen, het soort dat in Nederland op vensterbanken een armetierig bestaan leidt maar hier vele meters hoog wordt. In de loop van de middag bereik ik San Antonio de los Cobres dat boven op die muur ligt. In het dorpsrestaurant zit een vrolijk en luidruchtig gezelschap van bemiddelde Argentijnen dat met fourwheeldrives een reis maakt over de Altiplano, de hoogvlakte van de Andes. Dat is het geluk van San Antonio: het is een pleisterplaats met een restaurant en een hotel. Verder heeft San Antonio geen geluk: het ligt op een kale winderige vlakte waar met de beste wil van de wereld geen bestaan uit te peuren valt. Misschien is er een kopermijn in de buurt. San Antonio is nog troostelozer en armoediger dan Hornopiren of Bahia Murta, dat tenminste in de bossen ligt aan een riviertje met vis, of de dorpjes op de pampa van Patagonië waar het regent en de mensen leven van de schapenteelt. Het kan altijd erger. Kinderen hangen door het open raam van het restaurant naar binnen en proberen gebreide popjes te verkopen. Ze zien er ongezond uit, een schrale schilferige huid en een wilde haardos met luis. Een geef ik een appel; hij vlucht er onmiddellijk mee weg. Dat was niet slim van mij want nu hebben de andere kinderen het nakijken. Dus offer ik mijn resterende twee appels, die snijd ik in partjes, en koop twee popjes.

Zicht op de Andes, bij Salta.

Voorbij Salta kijk ik op naar de muur van de Andes.

Ik heb niet goed geslapen. San Antonio ligt op vijfendertighonderd meter hoogte. Ik heb hoofdpijn, geen trek in een sigaret en last van misselijkheid. Ik voel mijn hart bonken en hoor mijn bloed ruisen. Een paracetamolletje helpt tegen de hoofdpijn en ‘geen trek’ daar kun je gewoon doorheen roken. De misselijkheid is moeilijker te bestrijden. Een groot deel van de nacht heb ik in mijn kamer rondgelopen, wachtend op de verlossende boer. De motor heeft ook moeite met de hoogte. Bij het starten zet ik gewoontegetrouw de choke open. De motor slaat onmiddellijk af. Ik probeer het nog een keer, met hetzelfde resultaat: de motor start en slaat onmiddellijk weer af. Wat is dat? De hotelbaas, die een kijkje komt nemen: “Doe de choke eens dicht. Je motor heeft hier geen gebrek aan benzine maar aan zuurstof.” Met dichte choke start hij prima ondanks de kou, zes graden om tien uur ’s morgens. Ik had eigenlijk de carburateurs moeten afstellen op een magerder mengsel. Ik merk dat de motor met de hoogte veel vermogen heeft verloren. In de tweede versnelling rijdt hij prima maar het overschakelen naar de derde is problematisch: hij trekt niet en als ik het gas verder open draai zakt het toerental weg en dreigt de motor af te slaan. Ik moet hier anders schakelen: ik trek hem door tot ver boven de 5000 toeren, schakel dan over waarna de motor op 4000 toeren terecht komt en dan redt hij het.

De Altiplano bestaat uit vlakten die van elkaar gescheiden worden door lage bergruggen met afgeronde toppen. Geen peilloos diepe afgronden, geen benauwende dalen maar vlakten. Aan de Chileense kant wordt de Altiplano begrensd door een rij vulkanen die de ruggengraat van de Andes vormt. De hoogste vlakte ligt vijfenveertighonderd meter boven zeeniveau, de lage bergruggen halen de vijfduizend meter en de toppen van de vulkanen reiken zeker tot zesduizend meter. De lucht is verschrikkelijk ijl. Op de hoogste vlakte trekt de motor het niet meer in de derde versnelling en zelf moet ik langzaam en diep ademhalen om niet misselijk te worden. Ik beweeg als een zombie. Het landschap van de Altiplano is indrukwekkend mooi: geel steppegras, grijs gesteente, glinsterende zoutvlakten en de witte punten van de vulkanen tegen de achtergrond van een intens blauwe lucht. Hoe hoger je komt hoe blauwer de lucht. De weg loopt over passen en langs bergruggen, kruist vlakten, slingert langs vulkanen en zoutmeren om uiteindelijk naar beneden te duiken, naar het bekken van de Salar de Atacama aan de rand waarvan San Pedro ligt. Gedurende de hele tocht kom ik niemand tegen; geen mens, geen auto. Na San Antonio komt er nog een dorpje en dan niks meer tot Ovalpo aan de andere kant van de Andes. Meer dan tweehonderdvijftig kilometer leegte, geen levend wezen op lama’s na. Oude bandensporen verdwijnen onder het zand; de weg is in geen tijden bereden. Door hoeveel leegte heb ik al niet gereden? Achter de almaar wijkende horizon aan op de Kazachse vlakte, door de smalle spleet tussen hemel en aarde op de Patagonische pampa’s en nu op het dak van de wereld waar mensensporen worden uitgewist. Leegte is nooit hetzelfde.

De weg over de Altiplano.

De weg over de Altiplano; 250 kilometer leegte.

De chef van de gendarmerie in San Antonio die ik vraag naar de toestand van de weg tot de grens wikt weifelend met zijn hand: “Slecht, veel zand.” De weg is inderdaad slecht: wasbord, stenen en veel zandplekken maar het is te doen op een laag duin na waarin ik blijf steken. De bagage van de motor, het achterwiel uitgraven, stenen er onder, de motor starten en slippend en schuivend naar de andere kant van het duin brengen, dan de bagage ophalen en alles weer opladen. Het is een half uur werk voor twintig meter duin. Het is te doen, ik haal gemiddeld toch dertig kilometer per uur en zo kom ik tegen drieën bij de Argentijnse grenspost, tien kilometer voor de Paso Sico. In het douaneboek zie ik dat ik de eerste klant van de dag ben en gisteren is er ook niemand gekomen. De douanebeambte vraagt of ik het toilet wil gebruiken, of ik water wil en of ik een hapje wil mee-eten. Water wil ik wel maar het hapje sla ik af want het is nog tweehonderd kilometer naar San Pedro. De Paso Sico blijkt gewoon een punt op de vlakte waar de weg de grens kruist. Tien kilometer achter de Paso ligt de Chileense grenspost. Die administreren alleen mijn binnenkomst; de politie- en douaneformaliteiten moeten in San Pedro worden vervuld. Aan de Chileense kant is de weg veel beter en als ik de vulkanen voorbij ben en de weg afdaalt naar het Atacama bekken haal ik wel negentig kilometer per uur op de piste en laat een enorm stofspoor achter. De motor en ik kunnen weer adem halen. Na Ovalpo is de weg geasfalteerd. Tegen achten kom ik in San Pedro aan, nog net op tijd voor de politie en de douane. Ik vind een hostel met een parkeerplaats voor de motor. Hij krijgt een aai en de belofte van nieuwe olie. Tegen Masaaki en Fernando zeg ik “Het was leuk hé?” en tegen mijn bange ik zeg ik “behhhhh!”

Paso Sico

De Chileens-Argentijnse grens op de Paso Sico.

Ik heb nog wat te vieren: gisteren was ik precies één jaar op reis. Ik vertrok op 16 maart 2004 en heb nog – minimaal – zes maanden te gaan. Gisteren ook passeerde de teller van de motor de honderdduizend kilometer. Het gebeurde op zesendertig kilometer van San Pedro, om zeven minuten over zeven. Toen ik hem kocht was het een blanco peuter met 3500 kilometer op de teller. Nu heeft hij een patina van krasjes en verkleurde lak maar nog steeds is het olieverbruik dat van een jonge vent: minder dan een halve liter op tienduizend kilometer. 96.500 kilometer heeft hij mij gedragen zonder me ooit in de steek te laten!

De 100.000 kilometer gepasseerd!

De 100.000 kilometer gepasseerd!

 

Dit bericht werd geplaatst in 2004-2005: de wereld rond, Zuid-Amerika en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s