Welkom in Japan

Na twee nachten en een dag komt de Rus aan in de haven van Fushiki, onder een kletterende regen en in een benauwende hitte. Als het schip vastligt aan de kade haasten zich vijf zwarte paraplu’s en een roze naar de valreep. De douanecontrole vindt plaats in de eetzaal van het schip. De passagiers staan in de rij, binnen zitten de Japanse douaneambtenaren aan tafels met lijsten en zegels, stempels en stempeldozen en de uitgang wordt bewaakt door twee stevige Russische matrozen. Ook ik krijg mijn visumzegel en het stempel maar mag niet naar de uitgang. Ik moet wachten want ik ben een Bijzonder Geval. Er komt bijna nooit iemand met eigen voertuig naar Japan. Het ruim van de Rus is leeg op wat pallets en mijn motor na. Over een paar dagen, als de Rus terugkeert naar Vladivostok, zal het ruim volstaan met auto’s die de mannen uit de rij tweedehands hebben gekocht en zullen verhandelen in Irkoetsk, Krasnojarsk en Novosibirsk. Ik moet wachten op de vertegenwoordiger van de scheepsagent. Het is de roze paraplu. Ze maakt een buiging en lispelt “I will assist you. Please follow me.” Ze brengt me naar het douanekantoor waar de inklaringsprocedure wordt uitgelegd. Uit haar tas duiken de papieren van Diana op. Ze blijft me achtervolgen.

In Japan is mijn komst voorbereid. Voor mijn vertrek uit Nederland heb ik uitgebreid gemaild met meneer Katzuyuki O. van de JAF, de Japanese Automobile Federation. Japan accepteert geen Carnet de Passages zonder authenticatiedocument en dat document wordt door de JAF in Tokio gemaakt. We hebben een digitale pas de deux uitgevoerd en invulformulieren en fotokopieën uitgewisseld als geschenken in een vrijage. In Vladivostok ontving ik een email van meneer O. met de mededeling dat het authenticatiedocument voor mij op het JAF-kantoor in Toyama klaar zal liggen (Fushiki ligt in de prefectuur Toyama). Verder ontvang ik tot mijn verbazing emails van Japanse motorrijders en van Chris L. die de HorizonsUnlimited Community in Tokio vertegenwoordigt. Zij weten over mijn komst van Yun, de motorrijder die ik ontmoette tussen Barnaul en Novosibirsk, waarmee ik een half uurtje heb gepraat en emailadressen uitgewisseld. In Vladivostok heb ik hem geschreven dat ik zijn vaderland zal bezoeken en dat heeft hij doorgegeven aan zijn vrienden. De Japanners schrijven “Goed dat je nu komt, dan kun je genieten van de herfstkleuren” en nodigen me uit langs te komen. Ze wonen allemaal in de buurt van Tokio. Chris schrijft me hoe ik het JAF-kantoor kan vinden – hij doet er ook een plattegrond bij – en hij heeft een pakje met wegenkaarten en de Lonely Planet van Japan voor me opgestuurd naar het postkantoor van Fushiki. De HorizonsUnlimited Communities zijn gouden hulpposten voor de langeafstandsmotorrijder.

De medewerkster van de scheepsagent brengt me naar de loods waar mijn motor wordt gestald in afwachting van de vrijgave, vervolgens naar het postkantoor waar ik het pakje van Chris in ontvangst neem en daarna naar het station. Met de trein van Fushiki naar Takaoka, daar overstappen op de trein naar Toyama Station, dan het stadslijntje naar Kamihori en dan nog een kilometer of wat lopen. De JAF heeft zich goed verstopt maar ik vind haar dankzij de aanwijzingen van Chris. Mijn authenticatiedocument ligt klaar, voorzien van prachtige stempels, en ik krijg er een verklaring voor de politie bij en nog een boekje over de Japanse verkeersregels. Het geheel wordt me aangereikt met beide handen en een buiging. Dat is beleefdheid in Japan. Ik moet ook de verzekering regelen, de CALI ofwel Compulsory Accident Liability Insurance, het Japanse equivalent van onze WA-verzekering. Die kun je afsluiten bij een motorhandel. De verkoper spreekt geen woord Engels en begrijpt niet wat ik wil. Hoe leg je met gebaren ‘verzekering’ uit? Japan heeft een telefonische hulplijn voor buitenlanders en elke Japanner kent daarvan het nummer. De telefoon overbrugt de taalkloof en zo komt mijn verzekering rond.

In een middag en een ochtend heb ik alles geregeld en kan ik terug naar Fushiki, naar de douane. Alle papieren zijn in orde, de administratie van het Carnet de Passages wordt afgewerkt en binnen een half uur is mijn motor vrijgegeven. Ver kom ik niet. Nog maar net buiten het douaneterrein word ik al staande gehouden door de politie. Paspoort, rijbewijs en motorpapieren alstublieft. De communicatie is moeizaam. Er komen nog meer politieauto’s bij, ik ben omgeven door zwaailichten. Wat heb ik misdaan? Waarvan word ik verdacht? Eindelijk schrijft er een in onbeholpen letters op een blaadje “you can’t drive” en wijst op mijn kentekenplaat. Ik begrijp nu waar het om gaat: motorvoertuigen die in Japan worden ingevoerd moeten worden geregistreerd bij het Ministerie van Transport en krijgen dan ook een Japans nummerbord. Mijn motor valt onder de regeling voor tijdelijke import waarvoor geen registratie nodig is en dus ook geen Japans nummerbord. Het staat allemaal in de verklaring bij het authenticatiedocument. Dat heeft de JAF-medewerkster mij tenminste verteld. Het duurt een tijdje voor de agenten de verklaring hebben doorgrond maar dan mag ik gaan. Welkom in Japan!

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in 2004-2005: de wereld rond, Japan en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s