Witwassen

Kirgizstan is geen onderdeel van mijn reisplan maar ik heb een probleem dat daar opgelost moet worden. Dat probleem is tot mij gekomen in de gedaante van een Britse motorrijder die ik bij Bikeshop in Almaty ontmoette. Hij is met zijn motor zonder importdocumenten Kazachstan binnengekomen en kan zijn motor niet terugsturen naar Groot Brittannië. Wat niet officieel is geïmporteerd kan ook niet officieel worden geëxporteerd. De douane hield voet bij stuk; misschien bood de Brit niet genoeg smeergeld. Daarom was hij bij Bikeshop, om zijn motor te verkopen. Hij heeft overigens een goede prijs gekregen. Mijn motor is ook zonder importpapieren in Kazachstan – “Ik wens u goede reis” zei de Kazachse douanebeambte – en dus illegaal. Ik wil niet het risico lopen bij de Russische grens te worden teruggestuurd of leeggeschud. Daarom ga ik naar Kirgizstan: om mijn motor wit te wassen.

Er zijn twee grensovergangen, een op de weg van Almaty naar Bisjkek en een in de buurt van Kegen in het oosten van Kazachstan. De grensovergang naar Bisjkek is de meest gebruikte en ik ben bang dat ze daar nauwkeurig zijn met de regels. Bovendien is de weg van Almaty naar Bisjkek op veel plaatsen opgebroken en vast en zeker veranderd in een modderpoel want het heeft de afgelopen dagen gestortregend. Ik kies voor de kleine grensovergang bij Kegen, op honderdtachtig kilometer van Almaty. De grenspost is bereikbaar via een hobbelige weg in een leeg en desolaat steppelandschap en ziet er uit alsof het de grenspost is van de bewoonde wereld. Hoewel ik in uren geen mens heb gezien ben ik niet alleen bij die post. Er is nog een passant, een man uit Almaty die met zijn gezin een weekje vakantie gaat vieren aan het Ysyk meer. Hij blijft bij me, laat me geen moment alleen. Hij kent vast en zeker de Kazachse douane, misschien voelt hij mijn probleem aan; het is in ieder geval erg aardig. De Kazachse douanebeambte vraagt mijn paspoort en motorpapieren. Ik wijs enthousiast op het dual entry visum: ik kom terug naar Kazachstan, maak je niet druk. Hij bestudeert de documenten aandachtig, stelt wat vragen maar doet niets. Wacht hij tot het gezin uit Almaty is vertrokken? Eindelijk vraagt hij om “een presentje uit Holland.” Ik offer mijn aansteker met molentjesmotief. Een groots cadeau vindt hij het niet maar hij stempelt mijn paspoort. De rampzalige vraag naar de deklaratsja voor de motor blijft achterwege. Ik mag gaan. De Kirgizische collega aan de andere kant van de grens wil mijn visum niet afstempelen – “Niet nodig” – en ook geen importdocument voor de motor afgeven. Als ik blijf aandringen trekt hij toch een deklaratsja uit de la dat ik mag invullen en dat hij parafeert en stempelt. Het visum in mijn paspoort weigert hij pertinent te stempelen. Was ik legaal maar mijn motor illegaal in Kazachstan, in Kirgizstan is mijn motor legaal maar ik illegaal want het visum is niet geopend.

De grenspost bij Kegen.

De grenspost bij Kegen, aan het einde van de bewoonde wereld.

***

2 augustus 2004, Almaty

Bij het verlaten van Kirgizstan: die motor geloven ze wel maar waar is het inreisstempel in mijn paspoort? Het wordt wat heen en weer praten maar dan haalt de Kirgies zijn schouders op, zet het uitreisstempel en wuift naar buiten. Zijn collega aan de Kazakse kant maakt de deklaratsja op en plaatst het inreisstempel in mijn paspoort: de motor en ik zijn nu allebei legaal in Kazachstan. Tenminste, dat hoop ik want niemand kent hier de regels.

Dit bericht werd geplaatst in 2004-2005: de wereld rond, Centraal Azië en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s